Veranderende scope Bloemendal werkte als internist-oncoloog bij het Meander Medisch Centrum in Amersfoort waar hij staf voorzitter was. Daarnaast is hij voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Medische Oncologie (NVMO) en bestuurs lid van Stichting Oncologische Samenwerking (SONCOS). Dat roept de vraag op waarom hij de stap naar het Radboudumc gemaakt heeft. “Ik was óók nog in dienst bij het UMC Utrecht en heb dus van twee kanten mee mogen maken wat regionalisatie van de oncologische zorg met zich meebrengt. Dat boeide me. Daarnaast bekleed ik een aantal bestuurlijke functies en dat maakt dat je scope ook wat verandert. Je ontdekt dat er meer boeiende zaken zijn dan alleen maar dokter zijn. Toen deze functie op mijn pad kwam voelde ik enerzijds raakvlakken en anderzijds ook uitdagingen. De visie van dit Centrum en mijn eigen visie komen erg overeen en er ligt hier een mooie kans om mede vorm te geven aan de oncologische zorg.” Kennis van twee kanten Bloemendal ziet die uitdaging met name in de transitie waarin de zorg zich bevindt. De vergaande regionalisatie en alle hobbels die daarin genomen moeten worden. “We willen mensen waar het kan de zorg in de buurt bieden. Maar daarnaast willen we de academie ook een grote verantwoordelijkheid geven om mee te denken en te kijken naar kwaliteit. Daarnaast moeten we de aan sluiting op wetenschappelijk onderzoek en opleiding realiseren. Doordat ik zelf veertien jaar in een perifeer ziekenhuis gewerkt heb, hoop ik aan te kunnen voelen waar de gevoeligheden liggen. Ik weet hoe de kennis en kunde verdeeld is, maar ook welke emoties er spelen en ken de financieel economische belangen die er ook zijn. Dat pallet aan kennis is nodig om met elkaar verder te komen. En dat willen we, want we willen hier in de regio optimale patiëntenzorg bieden. Dat zal ik ook persoonlijk blijven doen, want ik blijf één dag in de week hier als arts actief.” Prominente rol In zijn functie als voorzitter van het Centrum voor Oncologie zal Bloemendal mede vormgeven aan de toekomst van het Centrum waarbij nog vele keuzes gemaakt moeten worden: “We kunnen toe naar een Centrum dat inhoudelijke én financiële verant woordelijk heid draagt of een Centrum dat alleen inhoudelijk stuurt. Er moeten daarnaast nog keuzes gemaakt worden waarbij duidelijk wordt of zaken in het Centrum of in de afdelingen bepaald gaan worden. Als we daarin keuzes gemaakt hebben, moeten we daar naar handelen. Dat is een volgende stap. De kwaliteit van de patiëntenzorg zal sowieso in de ketens blijven liggen. Maar het Centrum heeft een belangrijke rol bij het toetsen op die kwaliteit. Daarbij hanteren we onder meer de SONCOS-normen die over volume en kwaliteit gaan, maar bijvoorbeeld ook de JCI-accreditatienormen rond kwaliteit en veiligheid van de patiëntenzorg en onze eigen normen en waarden.” En Bloemendal ziet nog een belangrijke rol voor het Centrum weggelegd: die van regisseur in het zorgaanbod. Ketens en afdelingen maken zelf keuzes in het zorgaanbod, maar het is aan het Centrum voor Oncologie om het totaalbeeld voor ogen te houden en daarin te sturen. Niet alleen op het gebied van patiëntenzorg, maar ook met oog voor de wetenschappelijke ontwikkeling binnen Radboudumc. “Het Centrum voor Oncologie moet daar een prominente rol in willen spelen.” Topzorg Haiko Bloemendal is vanuit zijn bestuurlijke functies nauw betrokken bij het landelijk beleid. Hij geeft het vanuit deze functies mede vorm. “Ik zie dat als een voordeel, omdat ik dit direct hier in mijn functie als voorzitter van het Centrum kan inbrengen. Maar Radboudumc heeft ook gewoon zijn eigen unieke kwaliteiten in de oncologie. Dan denk ik als eerste aan de sterke wetenschappelijke basis, met enorm veel goed onderzoek. Maar ook een zeer open cultuur, wat ons ook zeker gaat helpen bij het realiseren van onze regionalisatie ambities. We leveren hier landelijke top-expertisezorg op specifieke gebieden en realiseren die zorg ook in de regio, waarbij we nog wel moeten bewaken dat de regionalisatie ook aansluit op wetenschap en onderwijs. Maar patiënten in de regio kunnen elke deur binnenlopen en moeten daar topzorg ontvangen.” “Ik hoop dat we over 10 jaar kunnen zeggen: er lag een stevig fundament en daarop is verder gebouwd, waarbij we allerlei emoties overwonnen hebben. Daarmee krijgen de patiënten in de regio de oncologische topzorg die ze verdienen met een fantastische wetenschappelijke basis daaronder. Ik denk dat voor de regionalisatie artsen in een team mobieler moeten worden in de regio en dat met name de ICT nog een enorme impuls moet krijgen. Een gezamenlijk elektronisch patiëntendossier is écht een must. Ook daar gaan we uiteraard energie in steken.” Haiko Bloemendal: “Het is aan het Centrum voor Oncologie om het totaalbeeld voor ogen te houden en daarin te sturen.” Radboud Report Oncologie 15 Pagina 14

Pagina 16

Scoor meer met een e-commerce shop in uw catalogussen. Velen gingen u voor en publiceerden vaktijdschriften online.

Radboud Report Oncologie Nr. 2 2019 Lees publicatie 1Home


You need flash player to view this online publication