Fleur Brienen, verpleegkundig specialist neuro-oncologie “Ik ben het eerste aanspreekpunt voor patiënten met hersentumoren” Wie als patiënt te maken krijgt met een hersentumor ontmoet in een tijd die al vol is van verwarring en verdriet niet alleen de neurochirurg, maar ook neurologen, oncologen en radiotherapeuten. Soms alleen van het Radboudumc, maar vaak ook van een verwijzend regionaal ziekenhuis. Als het al lukt om de namen en functies op een rij te krijgen, blijft het nog altijd moeilijk om in te schatten welke vraag bij welke specialist thuis hoort. En dat hoeft ook niet… Want binnen het neuro-oncologisch netwerk van het Radboudumc zijn verpleegkundig specialisten werkzaam. Zij zijn voor patiënten het eerste aanspreekpunt. Zij beantwoorden het merendeel van de vragen. Daarnaast coördineren ze de zorg door het maken van afspraken. En zij verrichten en passant ook veel verpleegkundige handelingen. Dat blijkt te werken en wij ervaren dat ook, als we een middag mee mogen lopen bij het neuro-oncologisch combi-spreekuur. Het is veelal slecht nieuws dat hier op een middag voorbij komt. Patiënten verkeren in alle fasen van acceptatie van hun ziekte. Geopereerd, nét geopereerd of in afwachting van een hersenoperatie. Veel van hen laten zich vergezellen door familie of vrienden om vooral geen vragen of antwoorden te vergeten. Met name de jongere patiënten blijken opvallend goed voorbereid op het spreekuur en stellen vragen op detailniveau. En van bijna alle patiënten komen de vragen over verwachtingen: hoe lang heb ik nog? Welk risico loop ik? En wat als we niets doen? De artsen zijn helder, rustig, begripvol en soms ook wel aarzelend als ze slechter nieuws moeten geven als antwoord op een concrete vraag (wilt u dat écht weten?). Elke vraag kan en mag gesteld worden bij de arts, maar in de spanning van het moment worden vragen vergeten of te onbe nullig gevonden om daar de specialist mee lastig te vallen. Maar dan is er Fleur Brienen, die samen met collega Sandra Bossmann, als verpleegkundig specialist alle patiënten onmiddellijk ziet als ze de spreekkamer verlaten hebben. Rustig, duidelijk, begripvol en praktisch. Waar de twee weken eerder geopereerde patiënt bij de arts heel feitelijk vroeg of de wond nu inmiddels genezen is en hoe lang het duurt voordat de schedel ook weer zijn sterkte bereikt, komt nu het hoge woord er uit: “Mag ik mijn haren weer gewoon gaan wassen?” Dat mag van Fleur. Ze bekijkt de wond, haalt de hechtingen er uit (“Want anders moet u daarvoor 10 Radboud Report Oncologie weer naar de huisarts”) en maakt op verzoek van de patiënt ook met zijn smartphone een paar foto’s van de wond, zodat hij die ook rustig kan bekijken. Nee; dat vindt ze geen gekke vraag. Geen enkele vraag blijkt te gek en door de rust die in deze spreekkamer heerst en de stiltes die Fleur ook bewust laat vallen, komen die vragen vanzelf. Ze geeft de patiënten haar 06-nummer, waarmee zij rechtstreeks bereikbaar is. “U mag mij niet bellen als er iets is, u móet mij bellen” horen we haar meermaals zeggen. Waar het combi-spreekuur artsen van tal van afdelingen samenbrengt rond de patiënt, is de verpleegkundig specialist niet in dienst bij een afdeling, maar in de keten neurooncologie. Daarmee zijn ze de continue factor, die ook buiten dit spreekuur de specialismen samenbrengt: de neuroloog, de neurochirurg, de oncoloog, de radioloog, fysiotherapeut en de huisarts. Dat is belangrijk, want patiënten raken in het medisch doolhof het overzicht vaak kwijt. Fleur Brienen: “Patiënten mogen me niet bellen bij vragen, ze moeten bellen.” Pagina 9

Pagina 11

Voor PDF-en, online uitgaves en handleidingen zie het Online Touch CMS beheersysteem systeem. Met de mogelijkheid voor een e-commerce shop in uw maandbladen.

Radboud Report Oncologie Nr. 1 2019 Lees publicatie 2Home


You need flash player to view this online publication